Gerry De Mol is een muzikant, producer, zanger en liedjesschrijver; journalist en publicist. De Morgen noemde hem ‘eenvoudskunstenaar’. Allez vooruit.
Hij werd lichtjes bekend als journalist en recensent van wereldmuziek en jazz bij onder andere De Morgen, De Financieel Economische Tijd en Knack Weekend en werkte mee aan diverse radioprogramma’s. Hij was ook actief in de wereld van reclamebureaus (o.a. online marketing), maar volgt vooral zijn echte liefde: de muziek.
Zijn bekendste projecten zijn Oblomow en Kleine Blote Liedjes. Hij werkte veel samen met Eva De Roovere, maar ook met Chris Whitley, Sevara Nazarkhan, Minyeshu Kifle Tedla, Ghalia Benali, Chantal Gellé, Marlene Dorcena, BJ Scott, Laila Amezian, Wigbert, Paul Rans, Miek en Roel en vele anderen.
Een eenmalige samenwerking met avant-garde gitariste Janet Feder in 2009 zal allicht een vervolg kennen.
Hij componeerde en bracht in 2004 Het Lied Der Rusteloosheid, een muziekprogramma met teksten van Herman De Coninck en Fernando Pessoa. In 2005 was er een programma met Paul Rans en Didier François (Tatouages) en schreef hij muziek voor The Endless Forest, een online kunstproject (sociale screensaver), The Graveyard, een interactief schilderij van Michael Samyn & Aureia Harvey (tale of tales) en dansmuziek voor een choreografie in het online spel FATALE. The Graveyard werd genomineerd voor de Independent Games Award in San Francisco in de categorie Innovation.
Met Ghalia Benali en Sevara Nazarkhan maakte hij de productie Layla & Majnun voor het KIT in Amsterdam. Hij werkte mee aan cd’s van Wouter Vandenabeele (Vensters), Urban Trad (Elem) en Marlene Dorcena (Haïti).
Op 12 januari 2008 verscheen Het Draagbare Paradijs, een boek over in België wonende zangeressen van diverse origine. (uitgeverij EPO).
Vanaf februari 2006 was er een voorstelling met Oblomow en Perles d’Amours en in april 2008 werd het driestappenproject Het Draagbare Paradijs in gang geschoten, in samenwerking met Open Doek in Turnhout. Drie zangeressen en vijf muzikanten gaan aan de hand van film en interviews op een muzikale zoektocht naar het paradijs.
In We Jane claimden drie zangeressen de jungle terug op hete percussie én inhoud met Talike, Marlène Dorcena, Mieke Delanghe, Chris Joris, Sam Vloemans, Frédéric Malempré en Jan Cordemans.
Daarnaast produceerde en realiseerde hij Amongst ourselves we rarely talk in het Kaaitheater nav 9/11 en Interdependence day op 9/11/2008.
Hij is nu vooral met eigen repertoire solo als singer-songwriter doende en als schrijver van verhalen en theaterproducties.
In Het leven is mooi (zolang je niet bestaat) van Pat Donnez speelt en maakte hij de muziek en speelt hij naast Chris Lomme en Lore Dejonckheere. Vanaf 2010 loopt een duoprogramma met Pat Donnez , Ribbedebie en voor kidneren is er Hotemetoten.
Momenteel loopt ook de theatervoorstelling Febar van Michael Decock met verder ook Younouss Diallo en muziek en soundscapes van Gerry De Mol.
Naast gitaar speelt hij ook Turkse saz, Arabische oed, ukeleles, tanbur, dutar, banjo’s, cavaquinho’s, piano en kleiner instrumentarium.
Als Schrijver:
Gerry De Mol schrijft op dit ogenblijk een theaterstuk voor de Stadsschouwburg van Sint Niklaas, een verhaal voor kinderen voor een illustratorenproject en werkt aan de tekst en muziek van een muziektheatervoorstelling in Turnhout in 2012 i.s.m. ‘t Arsenaal in Mechelen.
Zijn boek Het Draagbare Paradijs (zie elders op deze site) werd door de kritiek lovend onthaald en is nog steeds ind e winkels verkrijgbaar.
In 2005, 2006 en 2007 schreef hij telkens een filoso-advertentioneel publicistisch manifesto over de maatschappelijke trends in de marketing en hoe marketeers de vinger aan de pols kunnen houden voor het Belgische reclamebureau Ogilvy. Maandelijks belicht hij een maatschappelijke trend in Touring Explorer. Momenteel werkt hij aan een rapport over kunst en ontwikkelingssamenwerking als medestichter van de cultuur-NGO Youkali.
In december 2008 kwam onder zijn redactie het boek De Houdbaarheid van Duurzaamheid uit, uitgegeven door de Strategische Porjectorganisatie Kempen. Naast zeven fotografen verleenden ook Peter Tom Jones, Walter van den Broeck, Benno Barnard en Marc Van Den Bossche hun medewerking aan het boek. De fotografen zijn Joke Floréal, Reinout van den Bergh, Koen Broos, Filip Claus, Bart van der Moeren, Patrick De Spiegelaere en Tim Dirven.
Hij is ook voorzitter van het Fonds Patrick De Spiegelaere dat zich inzet voor een betere beeldvorming over het Zuiden en medestichter van Youkali, een netwerk voor Cultuur en Ontwikkeling.