terug Discography

Sporen

Sporen (2001-2002)

Sporen was een totaalproject waarin tekst, beeld en muziek samenvloeiden, zonder dat ze elkaar hoeven te illustreren. Het concert bracht de muziek van de ‘eigen’ Volkeren van Vlaanderen. De sporen die ze achterlaten, die wij hen meegeven, die ze dragen, die we volgen. De sporen uit Spaanse, Joodse, Engelse, Amerikaanse, Vlaamse, Nederlandse, Franse, Marokkaanse, Portugese, , Braziliaanse, Turkse, Iraakse en eigen stadsculturen. De eigen composities zijn van Osama Abdulrasol, Mattias Laga en Gerry De Mol. Het concert was een suite van instrumentale en gezongen liederen. Enkele verhalen lopen door mekaar. Maar steeds in de achtergrond van migratie: weglopen, terugkomen, overleven, dromen, heimwee, verwachtingen, ontgoochelingen en feesten; en daar de sporen van meedragen, van rijker worden van mooie dingen, maar ook van lange tochten, gevangen zitten in het steeds weer weggaan en onderweg zijn. Van schoonheid creëren. Van iemand missen en iemand meenemen en iemand achterlaten. De verhalen werden afwisselend door de muzikanten en zangers verteld en afwisselend met projectie van teksten (Richard Minne, Nazim Hikmet, …) en vooral foto’s die Patrick De Spiegelare in Latijns Amerika en Afrika nam. De foto’s hebben hun eigen verhaal. Soms neemt de projectie van foto’s en tekst de dynamiek over tijdens stillere instrumentale nummers.

Het Sporen project van Oblomow liep in november, december 2001 en januari 2002 live in samenwerking met Vredeseilanden. Het project heeft zijn première op 29 november in CC Ter Rivieren in Deurne, daarna in Gent (Vooruit), Leuven (Minnepoort), Hasselt (De Doos), Kortrijk (Stadsschouwburg) en Turnhout (De Warande).

De CD Sporen is een afspiegeling van het vaste repertoire van Oblomow en wat de gasten in het Sporen-project daaraan hebben toegevoegd. Op de CD, met gastmuzikanten Osama Abdulrasol, zanger Metin Toplar en Bert Bernaerts (trompet) vind je ondermeer het radiohitje Later.

Later is een morno-achtig vrolijk klinkend liedje van Gerry De Mol (en Eva), vrij gebaseerd op een oude Portugese Fado. Wie naar de tekst luistert zal de vrolijkheid weten te relativeren. Een Schip is Wannes Van de Veldes blik op een schip dat het verleden, het verlangen, de ouderdom en de ochtend in zich draagt, een klassieker die een Oosters kleedje heeft meegekregen en een Moldavisch inleiding. Nog een klassieker is Het land is moe van Drs P., dat op een Portugese guitarra kabbelt, en gekoppeld is aan En ik ook, een Rota-esk kleinigheidje. Hoop is een vertaling van een Braziliaans lied dat door Maria Bethania groot is gemaakt en waar Azzedine een prachtig percussietapij op legt waarop Eva haar stem neervleit. Ishtar Dance en Melike zijn beklijvende composities van Osama Abdulrasol waarin rietblazer Mattias Laga zijn jazzinvloeden kan etaleren. Habanera of the more common modes is dan weer helemaal klassiek uitgeschreven, let ook op gastblazer trompettist Bert Bernaerts. Het einde der kloterij is een zeer persoonlijk en intiem moment, geschreven naar aanleiding van de strijd tegen kanker van een van Gerry’s vrienden. De vraag is: waar de kloterij voor staat. Global Daknam tenslotte is een hymne voor de vele repetitie-uren in deze lokale globaliteit. De gasten van Sporen doen ook hun bijdrage. De dertiende eeuwse Arabo-Andaloesische Muwashah Lema Beda die door Laila Amezian gezongen wordt heeft een newjazz tussendeeltje gekregen. Laila laat zich ook van haar intimistische zijde zien op Au bord de l’Eau , een lied van Gabriël Fauré. Metin Toplar neemt Izmir in handen, een lied over een Robin Hood-achtige bende in zijn geboortestad. Ya Vieni el Cativo is een Sefardisch lied dat een samenvatting kon zijn van het hele Sporen concept. Een stoet gevangenen trekt voorbij en mijmert over het verleden, de plaatsen waar het leven zich afspeelde, de dood langs kwam en de liefde. Metin zingt een hartveroverende improvisatie.

De cd werd opgenomen in Motormusic Studio in Koningshooikt met de gewaardeerde Jan Verschoren als technicus van dienst.